Wanneer je naar de jaargemiddelde temperatuur kijkt, blijkt dat de jaren na 2020 consistent tot de warmste in de geschiedenis behoren. In de nieuwste analyse van Copernicus, het Europese klimaatmonitoringsprogramma, scoorde 2025 gemiddeld warmer dan bijna alle jaren sinds 1850, maar bleef het nauw onder de recordtemperatuur van 2024. De verschillen zijn klein; 2025 was ongeveer 0,13 °C koeler dan het recordjaar, en het was ongeveer 0,01 °C koeler dan 2023. Dit betekent niet dat het koeler was dan normaal, maar wel dat 2024 uitzonderlijk warm blijft.
Die nuance is belangrijk. De laatste jaren hebben gezamenlijk een gemiddelde temperatuur laten zien die meer dan 1,5 °C boven het niveau van vóór de industriële revolutie ligt. Voor het eerst heeft een driejarig blok van gegevens deze grens overschreden, wat aangeeft dat hoge temperaturen geen toevalligheid zijn, maar onderdeel van een trend.
Meteorologen en klimaatwetenschappers gebruiken meerdere datasets om te bepalen hoe warm een jaar is geweest. Satellietgegevens, landstations en oceaantemperaturen worden samengevoegd in zogeheten heranalyse-data. Organisaties als het Europese Copernicus Climate Change Service en Britse en Amerikaanse onderzoeksinstellingen vergelijken deze reeksen om jaar op jaar te kunnen vergelijken. De resultaten laten zien dat het huidige decennium de warmste periode in de lange reeks van meetgegevens beslaat.
Voor Nederland geldt iets soortgelijks op een nationale schaal. Volgens het KNMI, het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, zat 2025 weer in de top van warmste jaren sinds 1901. De gemiddelde temperatuur in De Bilt lag rond 11,4 °C, wat iets lager was dan in recordjaren zoals 2023 en 2024, maar nog altijd duidelijk boven het langjarig gemiddelde. Dat je bijna elk jaar warmere temperaturen ziet dan bijvoorbeeld in de twintigste eeuw, illustreert hoe de klimaatverandering ook op lokaal niveau merkbaar is.
Als je dit soort cijfers leest, gaat het vaak over gemiddelden. Dat beïnvloedt wat we dagelijks ervaren. Hogere jaargemiddelden zeggen niet dat elke dag warm is geweest, maar ze weerspiegelen een systematische verschuiving. Zo waren afgelopen jaren langere periodes met warme nachten en minder dagen met strenge vorst gebruikelijker. In het Nederlandse klimaat merk je dit aan zachtere winters en warmer lente- en zomerseizoenen.
Op het wereldtoneel zie je ook andere effecten. Warmer water in oceanen draagt bij aan hevigere weersverschijnselen, zoals stormen en extreme regenval. Hoewel 2025 niet het warmste jaar op record was, maakte het wel deel uit van een patroon waarin de planeet significant meer warmte vasthoudt dan decennia geleden. Dit heeft invloed op ecosystemen, landbouw en leefomstandigheden in allerlei regio’s.
Je vraagt je misschien af waarom de ene warme periode niet altijd het vorige record verbreekt. De temperatuur op aarde wordt beïnvloed door meerdere factoren. Klimaatverandering zet de trend richting warmer, maar natuurlijke variaties, zoals El Niño en La Niña, spelen ook een rol. Je ziet dit terug in maandelijkse fluctuaties in de gegevens, zoals warmere en iets koelere periodes binnen een jaar. Deze variaties kunnen de gemiddelde jaartemperatuur beïnvloeden, maar over meerdere jaren blijft de lijn omhoog gaan.
Het verschil tussen jaren als 2024 en 2025 zegt dus iets over kortetermijnvariatie, maar ook iets over hoe dicht de temperatuur nu bij de hoogste waarden zit die we ooit kennen. Dat het record van 2024 nog staat, toont aan hoe uitzonderlijk dat jaar was, maar het betekent niet dat 2025 een “normaal” of koel jaar was. In klimatologisch opzicht waren beide jaren duidelijk warmer dan de meeste voorgaande decennia.
Kijken naar deze laatste cijfers geeft je een beeld van wat er speelt op aarde. De temperatuurrecords van de afgelopen jaren zijn niet losstaande gebeurtenissen. Ze maken deel uit van een langetermijnpatroon waarin de gemiddelde temperatuur stijgt. Door meerdere datasets naast elkaar te leggen, ontstaat duidelijker zicht op die trend en op de verschillen tussen jaren.
Temperaturen blijven een belangrijk onderwerp van gesprek onder wetenschappers, beleidsmakers en mensen die het weer volgen. De recente gegevens laten zien dat warmte niet meer iets uitzonderlijks is, maar iets wat steeds vaker voorkomt als onderdeel van de huidige klimaatcondities. De nuance tussen jaar-tot-jaar verschillen helpt je beter te begrijpen hoe het systeem werkt en waarom het zin heeft om te blijven kijken naar deze veranderingen.
Bron: NOS